Interview met Bregje Hamelynck

‘Crisis helpt ons realiseren dat het voedselsysteem anders moet en kan!’

Bregje Hamelynck (1970, Sibrandabuorren) is tuinder sinds 2013 maar komt niet echt uit een boerenfamilie. Zij is econoom, werkte bij een ontwikkelingsbank, bij een milieuadviesbureau en was docent. Maar het roer moest om. ‘Wij hebben kinderen en maakten ons zorgen over hun toekomst. De bankencrisis rond 2009/2011 was voor mij een kantelpunt. Die crisis had heel anders kunnen aflopen, met alle gevolgen van dien, ook voor de voedselvoorziening. Het huidige landbouwsysteem is kwetsbaar, terwijl voedsel een basisbehoefte is.’

Financiële crisis en nul kennis van voedsel

‘Zo’n financiële crisis (2008 – 2011) nodigt uit tot de vraag naar de robuustheid van je toegang tot je eerste levensbehoefte. Energie, warmte en ook voedsel. Toen kwam ik erachter dat ik geen verstand had van voedsel. Ik kon bij wijze van spreken nog geen spitskool van groene kool onderscheiden. Groente verbouwen was echt een omissie in mijn opvoeding’, geeft Bregje lachend toe.

Hoogste tijd om met een opleiding permacultuur te starten. Daarbij werk je als boer of tuinder zoveel mogelijk samen met de natuur.

Start met tuinderij

Bregje en haar man zijn in 2013 gestart met een tuin voor eigen gebruik. Vanaf 2014 hebben zij doorgepakt met een ‘CSA (Community Supported Agriculture)’, landbouw met een directe relatie met de afnemers. Ús Hôf was een feit. Het is hun eigen tuinderij, ingebed in de lokale gemeenschap. Ús Hôf is kleinschalig maar zeker geen marginaal bedrijf of uit de hand gelopen hobby. Het levert veel voldoening, waardering en bedrijfs-/ beroepstrots op. Plus een volwaardig inkomen. Bregje: ‘Voor ons is het een pilot. Als het zo kan, dan kan het gekopieerd worden.”

Voedselcoöperatie

De volgende logische stap was de oprichting van een voedselcoöperatie, samen met de leden. Ús Iten was geboren, ‘ons eten’. Een burgerinitiatief. Vanuit deze coöperatie probeert men ook andere lokale producten aan te kopen. Denk aan eieren, vlees, brood, zuivel, honing, etc. De biologische groothandel vult de lokaal beschikbare producten aan. Tuinderij en voedselcoöperatie gezamenlijk bieden zo een concept waarmee je de reguliere supermarkt kan vervangen.

Je eigen buurtsuper

‘Dorpswinkel 2.0 noemen we het ook wel. Op lokaal niveau, met lokale producenten en producten. Zo kan elk dorp of wijk een eigen coöperatie hebben. En de voedselproductie een stuk robuuster maken. Met ook een betere inkomenspositie voor de boeren. Minstens 20% van al het voedsel zou op deze manier zijn weg van producent naar consument moeten kunnen vinden’ aldus Bregje.

Belang van netwerken en platformen

Bregje vertelt enthousiast over projecten als ‘netwerk duurzame dorpen’ en het onlangs gestarte ‘Local Food Works platform’. ‘Door de coronacrisis worden mensen meer bewust waar hun eten vandaan komt. Ze beseffen zich dat de voedselketen kwetsbaar is. Met deze netwerken en platforms willen we buurtbewoners in dorpen en steden inspireren en faciliteren om hun eigen buurtmarkt te beginnen. Met minimaal 15 huishoudens start je je eigen buurtmarkt.’

Boerenwijsheid en boerenraad

Bregje is vanaf het begin betrokken geweest bij de werkgroep Boerenwijsheid. Deze is vanuit de Transitiecoalitie Voedsel gestart. Hier kwamen onderwerpen aan de orde om het pad te bereiden voor boeren die de omslag naar duurzame land- en tuinbouw wilden maken. Om opties en perspectief aan boeren en de landbouwsector te geven. Zodat elke boer daar op zijn eigen manier naartoe kan werken.

Zij licht toe: ‘De Boerenraad is hieruit ontstaan en wil een podium bieden aan alle boeren die bezig (willen) zijn met duurzame landbouw. De Boerenraad gaat aan de slag met vijf centrale thema’s die zijn voortgekomen uit ervaringen van de huidige duurzame boeren. Het zijn de vijf grootste uitdagingen die om oplossingen vragen. Heel concreet, heel ingrijpende zaken waarmee oplossingsgroepen aan de slag moeten.’

Thema’s Boerenraad

  • Betaalbare toegang tot grond
  • Een inspirerend wettelijk kader dat duurzame landbouw stimuleert
  • Financiering van de omslag naar een duurzame landbouw
  • Kennis, leren, onderzoek en onderwijs
  • Versterken van de positie van de boer in de keten

Bregje heeft persoonlijk veel affiniteit met het thema korte keten en met het thema kennis, leren, onderzoek en onderwijs. ‘Ik wil graag benadrukken dat agro-ecologie vraagt om kennis en een goed observatievermogen van boeren. Als je het zonder spuiten wil oplossen, dan moet je waarnemen wat er gebeurt en op zoek gaan naar natuurlijke oplossingen. Kennisuitwisseling tussen boeren is dan van groot belang. Liefst uit het eigen gebied. Elke situatie, elke locatie is namelijk weer anders.’ Daarvoor is zij groot voorstander van het leren door interactie met collega’s, maar ook met wetenschappers, studenten en onderwijsinstanties.

De lat ligt hoog

De Boerenraad wil de thema’s vanuit het perspectief van de boer aanpakken. In combinatie met stakeholders die per thema verschillen. Héél praktisch en ook zeker met gebruikmaking van nieuwe ontwikkelingen en technologie. Zodat kennis gedeeld kan worden en er ruimte is voor experimenteren, uitproberen, aanpassen en ervaringen delen. Dit zijn geen vrijblijvende praatgroepen. Hier moeten de oplossingen echt vandaan komen. De lat ligt hoog.

Hoogste tijd om door te pakken

Het tijdelijke karakter van de Boerenraad zal niet van hele korte duur zijn gezien de pittige thema’s en daarmee hobbels naar een succesvolle, duurzaam ingerichte land- en tuinbouw. Het is echter de hoogste tijd om naar een duurzame stip aan de horizon te werken. Boeren zoeken de inspiratie, ruimte en juiste setting om hieraan te werken.

En zo sluit Bregje het af: ‘Wat dat betreft heeft deze coronacrisis ons wel in de juiste richting gedreven. Nu flink doorpakken zodat we de transitie in het voedselsysteem daadwerkelijk versnellen. Voor de toekomst van onze kinderen.’